Carnaval

De dag begon met een toneeltje over een koning die vond dat zijn zoon, de ridder, harder zijn best moest doen als hij met een prinses wilde trouwen. De ridder was een luie ridder: hij liep niet snel genoeg, hij was niet sterk genoeg en hij durfde niet op een toren te klimmen. De kinderen moesten de ridder helpen om sneller en sterker te worden en zijn angsten te overwinnen.

In de klas mochten ze paraderen op de tafels op bijpassende muziek.

De kleuters hebben de ridder goed geholpen. Eind goed al goed, de ridder mag met de prinses trouwen!